Ga naar de inhoud

De impact van het achterwege laten van expliciete snelheidstraining in het aanvankelijk en voortgezet leesonderwijs

Samenvatting                                                                              

Uit onderzoek onder 20 Nederlandse methoden die een aanbod hebben op het gebied van het technisch lezen, startend vanaf groep 3 in het basisonderwijs, blijkt dat die methoden vooral gericht zijn op het leren lezen in een zo hoog mogelijk leestempo (Koning, 2024). Om tot tekstbegrip te komen is een bepaalde minimale technische leesvaardigheid nodig, maar het is de vraag of het streven naar een zo hoog mogelijke leessnelheid onderwijskundig functioneel is.

In dit artikel wordt de vraag onderzocht hoe de ontwikkeling van de technische leesvaardigheid verloopt bij een onderwijskundige aanpak volgens het redzaamheidsformat, waarin iedere nadruk op het behalen van een zo hoog mogelijke leessnelheid achterwege wordt gelaten. De leesprestaties van de 1393 leerlingen, voor wie het leesonderwijs van groep 3 tot en met groep 6 verliep volgens het redzaamheidsformat, werden tweemaal per jaar beoordeeld. Correlaties tussen de afnameperioden en tussen de toetsen onderling werden berekend. Daarnaast werden de redzaamheidslezers vergeleken met de referentiedata van de normtabellen van de afgenomen leestesten.

Uit het weergegeven onderzoek blijkt dat als de expliciete aansporingen om snel te lezen achterwege worden gelaten, leerlingen geen trage woordbeeldherkenning ontwikkelen. Als de leerlingen van de experimentele groep bij wijze van uitzondering gevraagd worden snel te lezen, blijken ze een leestempo te hebben dat vrijwel gelijk is aan dat van de referentiegegevens. Het onderzoeksresultaat dat redzaamheidslezers vrijwel hetzelfde leestempo ontwikkelen als de referentiegegevens, plaatst twijfels bij de functie van werkvormen in de onderwijspraktijk als het racelezen, die gericht zijn op het behalen van een zo hoog mogelijk leestempo.

Kernwoorden: decoderen, functioneel lezen, leessnelheid, leestempo, maximale leessnelheid, minimale leessnelheid, racelezen, technisch lezen

 

Over de auteurs

Dr. Luc Koning is verbonden aan het Pravoo Nederland. E-mail: info@pravoo.nl.

Prof. dr. Ben A.M. Maassen is als emeritus hoogleraar verbonden aan het Centre for Language and Cognition Groningen (CLCG), Rijksuniversiteit Groningen, en de School of Behavioral and Cognitive Neurosciences (BCN), Universitair Medisch Centrum Groningen. E-mail: b.a.m.maassen@rug.nl.

 

Praktijklessen

  1. Voor onderwijs gericht op het bereiken van een maximale leessnelheid is er geen evidentie van de functionaliteit.
  2. Kinderen die bij het leren lezen frequent expliciet aangespoord worden zo snel mogelijk te lezen, lezen niet sneller dan kinderen waarbij die tempo-aansporingen achterwege worden gelaten.
  3. Expliciete aansporingen om steeds sneller te lezen hoeven derhalve als didactische focus geen deel uit te maken van het leesonderwijs.
Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us